Ga naar de hoofdcontent Pijl naar beneden icoon
Joos Vaessens

Joos Vaessens

directeur

Over het nut van onmacht, kaas, niet weten, cheeseburgers en fastfoodketens

Volgens Joos Vaessens is het ervaren van onmacht, machtsstrijd of almacht soms nodig om tot bepaalde inzichten te komen.

Natuurlijk was de zoektocht naar het antwoord op de vraag "Wie heeft mijn kaas gepikt?" al aan de gang bij het schrijven van mijn vorige blog. De afhankelijkheid en het slachtofferschap, die ten grondslag liggen aan die vraag, zetten me aan het denken. De onmacht die ik vaak hoor bracht me op de theorie van de machtsdriehoek.

Onmacht

Onmacht vertaalt zich vaak in almacht of machtsstrijd. Zo reageerde een patiëntenorganisatie, nadat een vers bestuurslid al na 3 maanden afhaakte: "Hij was ook niet zo goed en snapte niet hoe wij deze vereniging aansturen." Een reactie vanuit almacht. De machtsstrijd was al gestreden en beslecht. Het zittende bestuur was niet in staat om de frisheid en de nieuwe aanpak van de vertrekkende bestuurder te volgen.

Reflectie levert kracht

Toch is het van belang om die onmacht, machtsstrijd of almacht te ervaren. Al was het maar om te beseffen dat je niet verder komt en er iets nieuws nodig is. Die reflectie levert kracht. Kracht die nodig is om te zien dat de manier waarop de kaas verdeeld wordt, fundamenteel en constant verandert. En om in te zien dat de kaas niet steeds op dezelfde plek te vinden is. Energie die ook kan helpen om te zoeken naar andere voedingsbronnen dan kaas. Of kracht om in te zien dat de manier waarop je tot nu toe naar kaas of voeding hebt gezocht niet meer past.

Dus weg met het oude en zoeken naar het nieuwe

Voor mij gaat dat zoeken gepaard met durven en niet weten. Dat klinkt misschien raar, maar de meeste nieuwe ideeën komen als niet alleen ik maar ook anderen om me heen het niet weten en we durven toegeven dát we het niet weten. Pas dan hoeven we niets meer naar elkaar te bewijzen en kunnen er nieuwe perspectieven en vrije gedachten op tafel komen die in de smeltkroes van het gesprek voedzaam blijken te zijn. Voor mij zijn dat de mooiste gesprekken.

Patiëntenorganisatie en fastfoodketens

Die vrije gedachte ervoer ik ook in een reactie op mijn mijn vorige blog. Een twitteraar suggereerde me om op zoek te gaan naar cheeseburgers. Een prachtig voorbeeld van humor en een ongedwongen associatie die een toekomstvenster opent. De vergelijking met fastfood, snelle behoeftebevrediging, bijna op ieder moment toegankelijk, een franchisemodel dat uniform eten levert vaak aangepast naar de streek, slimme marketing en ook de zoektocht naar duurzaamheid, is wellicht helemaal niet zo'n rare gedachte om eens uit te werken vanuit het perspectief van patiëntenorganisaties.